KAG Nieuwekerk
Adres Molenstraat
Aan de Molenstraat in Nieuwerkerk op Schouwen-Duiveland staat een
van de kleinste kerkgebouwen van Zeeland. Het gebouw is eigendom van
de Katholiek Apostolische Gemeente. Dit kerkgenootschap is rond 1830
voortgekomen uit een charismatische opwekkingsbeweging in Schotland
en Engeland. De Schotse predikant Edward Irving is voor de
buitenwereld een belangrijke persoon binnen de beweging. Sterke
nadruk wordt gelegd op de spoedige wederkomst van Christus, de
eenheid van de kerken, het werk van de Heilige Geest, de betekenis
van Israël en op het herstel van de oorspronkelijke
nieuwtestamentische ambten; apostelen, profeten, evangelisten,
herders/leraars. Aan het hoofd van een volledig uitgegroeide
gemeente staat een engel (bisschop), die wordt bijgestaan door
priesters en diakens. Binnen de beweging werden twaalf leden tot
apostelen aangewezen en zij stichten gemeenten in Europa, de
Verenigde Staten en Australië. In Nederland worden meer dan twaalf
gemeenten gesticht. De hoofdkerk bevindt zich in Den Haag, een
aantal in de provinciehoofdsteden en merkwaardigerwijs wordt in 1873
één gemeente in het agrarische dorp Nieuwerkerk gesticht.
"Dit is mijn oude kerkje", zegt mevrouw Corrie Dekker-Tierie (1929),
"hierin ben ik grootgebracht. Mijn ouders woonden daar, twee huizen
verderop in de Molenstraat." Binnen in de kerk wijst Corrie op de
gebedsbankjes voor de kerkbanken. "Daar heb ik heel wat uren op
doorgebracht." Aan weerszijden van het middenpad staan zeven
kerkbanken die plaats bieden aan 56 gemeenteleden en aan het
hoofdeinde bevindt zich het altaar voor de eucharistieviering.
"Vanaf mijn tweede jaar ging ik ‘s zondags naar de kerk. Er was één
dienst per zondag. De dienst verliep volgens strakke liturgische
voorschriften en was heel eerbiedig. De vrouwen en meisjes droegen
een hoed en de mannen een kostuum. Als de voorganger sprak was het
muisstil, niemand kuchte en pepermuntjes of wat dan ook werden niet
gegeten. Er werd mooi gezongen, de psalmen onberijmd en zonder orgel
maar onder leiding van een vrouwelijke voorzanger. In de kerk werd
voorgegaan door onder(sub)diakenen die geholpen werden door
lekenhelpers. Mijn vader was daar een van. In de zogenaamde
kerkkalender waren de te lezen schriftgedeelten vastgelegd. Vlak bij
de ingang staat het offerblok, met daarin drie collectebussen voor
de ‘offers', ‘tienden' en ‘armen'. Het geven van een tiende was niet
verplicht, maar op grond van de bijbel werd dit wel gedaan. Een
tiende was een tiende en dit werd door mijn ouders trouw nagekomen.
Ik heb goede herinneringen aan deze kerk. Na mijn huwelijk in 1951
ben ik naar Zierikzee verhuisd en overgegaan naar de Hervormde Kerk.
De overstap was niet gemakkelijk, maar de kleine gemeente was toen
al sterk verouderd en voor jonge gezinnen lag er weinig toekomst.
Vanaf de jaren zeventig werden er per jaar nog maar twee diensten
gehouden en mijn man en ik gingen daar altijd graag naartoe."
"Na de dood van mijn man reed ik altijd met Jan van Westen mee naar
Nieuwerkerk." Jan schuift aan bij het gesprek. Hij is zelf nooit lid
geweest maar is een van de achterkleinkinderen van de oprichter van
de Katholiek Apostolische Gemeente, Jan van der Have (1819-1909).
"Mijn grootvader heeft een opmerkelijk kerkelijk leven gehad. Hij
was getrouwd met Janna Hoogenboom en zij kregen veertien kinderen.
In de Nederlands Hervormde Kerk te Nieuwerkerk laten zij hun eerste
zes kinderen dopen. Rond 1850 sluit hij zich aan bij de
Ledeboerianen in Sint-Philipsland. Deze bevindelijke gereformeerde
gemeenten waren gevormd om de persoon en het werk van dominee L.G.C.
Ledeboer (1808-1863). Hun zevende dochtertje, Marina, is door
Ledeboer gedoopt. Hoewel hij negen jaar ouderling is bij de
Ledeboerianen, sluit hij zich in 1865 aan bij de Vrije Evangelische
Gemeente te Goes. Binnen deze gemeente speelt de persoon van ds. H.J.
Budding een grote rol. Jan en de dominee hebben een hechte band, en
hoewel de verbindingen tussen de eilanden in die tijd voor de nodige
vertraging zorgen, bezoeken zij elkaar regelmatig. Hun jongste zoon
wordt door Budding gedoopt. Ondanks deze vriendschap zet Jan zijn
zoektocht naar de waarheid voort. Via de mosselschipper van de Berg
uit Bruinisse, die regelmatig op Rotterdam vaart, komt hij in
contact met het gedachtegoed van de opwekkingsbeweging uit
Groot-Brittannië. Hij wordt er door gegrepen en is in 1873 een van
de eerste leden van de Katholiek Apostolische Gemeente in
Nieuwerkerk. Als kleermaker is hij in die tijd niet onvermogend, aan
de Molenstraat staat een vervallen pakhuis dat hij verbouwt tot
kerk. Na de inwijding van de kerk wordt hij tot diaken benoemd en
anderhalf jaar ingewijd tot priester. Hij draagt dit ambt tot zijn
overlijden op 31 december 1909."
"De kerk staat er nog steeds zo bij, maar helaas is het laatste
praktiserende gemeentelid, de heer Jan Kik, in mei 2008 overleden",
vertelt Corrie. "De gemeente is altijd klein geweest en nauw
verbonden met bepaalde families." Corrie noemt een aantal
familienamen op: "Sies, Nikerk, Van der Have, Kik, Tierie, Van de
Berg, Van der Linde, Kooman en Stoutjesdijk schieten mij nu te
binnen. De watersnood van 1953 heeft een gat geslagen in onze
gemeente, zeker twaalf leden overleefden de ramp niet. Daarna is het
snel bergafwaarts gegaan, in 2003 was het aantal leden geslonken tot
twee." Het laatste gemeentelid is overleden, maar op het dorp wordt
gezegd dat de kerk blijft bestaan tot op de jongste dag. "Ik hoop
dat ook, want het was toch de kerk en het gedachtegoed van onze
ouders en voorouders."
Uit verhalen over ons religieus erfgoed uit 2008 12-02-2008