| |
Vertaling
uit het Duits naar het Nederlands.
Pijnlijke fout in zaak Rohn
NAK trakteert zwakkere partij in rechtszaak op
executiemaatregelen
m.koch, 2013-05-11
Arnhem/NL (gk). Na de voor haar positieve uitspraak heeft de
Nederlandse Nieuw-Apostolische Kerk, die onder verantwoording
staat van de Noordrijn-Westfaalse districtsapostel Armin
Brinkmann, onverbiddelijk gerechtelijke stappen ondernomen tegen
haar tegenstander Ronald Rohn. De rechtbank kon geen wangedrag
van Rohn vaststellen in zijn samenwerking met de kerk, maar
oordeelde dat Rohn in mei 2009 zelf ontslag heeft genomen,
waardoor hij verplicht is twee leningen van de kerk terug te
betalen.
Zonder eerst, zoals gebruikelijk, meerdere aanmaningen te
versturen om het te betalen bedrag op te eisen, stuurden de
apostelen meteen een deurwaarder. Ze gingen daarbij voorbij aan
het feit dat Rohn in beroep was gegaan en overlaadden hem in
april met veroordelingen tot betaling. En dat terwijl Rohns
advocaat vijf dagen na de uitspraak al per brief aan de advocaat
van de kerk had laten weten dat hij in beroep zou gaan vanwege
de vele onduidelijkheden in het vonnis. Ook schreef hij te hopen
dat er een regeling kon worden getroffen voor het bedrag dat hij
aan de kerk verschuldigd was.
De kerk, dan wel de advocaat van de kerk, negeerde deze brief en
gaf ook geen gehoor aan verdere pogingen. Het is overduidelijk
dat de kerk snel gebruik wilde maken van het voordeel van de
gerechtelijke uitspraak om Rohn zo veel mogelijk te benadelen.
Bovendien is er nog een andere opmerkelijke omstandigheid die
hierop wijst en die zich heeft ontwikkeld tot een pijnlijke
kwestie voor de kerk:
Hoewel volgens het vonnis alleen de NAK NL en hun bedrijf NAK
Vastgoedontwikkeling bv kunnen optreden als schuldeiser, traden
ook de privépersonen Nicolas en Peter Klene, Ruud Vis en Theodor
Johann de Bruijn op. Ook de voormalige stichting Alpha & Omega
deed hieraan mee. Het moet de kerk bekend zijn geweest wie er nu
daadwerkelijk geld moeten krijgen van Rohn, dus deze aanpak
diende er blijkbaar toe Rohns goede naam te schaden. Banken,
zakenpartners en de belastingdienst kunnen namelijk het
debiteurenregister inzien en hoe meer debiteuren, des te
nadeliger dit uitwerkt op de reputatie. Daar komt nog bovenop
dat particulieren gewoonlijk verplicht zijn om bewijs te leveren
dat iemand hun geld verschuldigd is voordat de deurwaarder
überhaupt in actie mag komen. Maar in dit geval zette de kerk de
incassoprocedure in werking via haar advocaat. De volmacht
daarvoor werd verstrekt door districtsapostel Armin Brinkmann.
Vervolgens bleken alle beslagleggingen vanwege deze fout
ongeldig te zijn en moesten ze worden teruggetrokken. Het
bestuur van de kerk wilde hierover geen commentaar geven
tegenover glaubenskultur. Ondanks meerdere aanvragen lukt
het hen bovendien niet de voorgeschiedenis van de
e-mailcorrespondentie van mei 2009 op te helderen die de
rechtbank beschouwde als reden voor Rohns ontslag. Rohns
frustratie van toen draaide erom dat hij zich steeds meer
misleid voelde door de zogenaamde raad van toezicht Klene/Klene/Vis.
Zo wil het kerkbestuur niet reageren op de vraag waarom er al in
maart 2009 in het geheim een tweede ondernemingsstructuur werd
opgezet die identiek was aan de bestaande. Dit gebeurde zonder
met Rohn te overleggen of hun samenwerking al dan niet moest
worden opgezegd.
Ook wil het bestuur de vraag niet beantwoorden waarom ze de
aandelen van de firma WZM, ondanks de contractuele overeenkomst
en een positieve fiscale controle, niet overnamen. Hadden ze de
aandelen van dit bedrijf, door Rohn zelf opgericht om een
seniorenwoning te realiseren, wel overgenomen, dan zouden de
kredieten die nu van Rohn worden teruggevorderd al lang zijn
terugbetaald.
Leden van het Nederlandse kerkbestuur hebben onofficieel in
glaubenskultur, maar ook officieel voor de rechtbank een
reeks argumenten gegeven waarom ze rond 2008/2009 geen
vertrouwen meer in Rohn hadden, maar die konden in de rechtbank
of door onderzoek allemaal worden weerlegd. Behalve één: ze
zouden indertijd een 'vreemd voorgevoel' hebben gehad.
In het licht hiervan wordt de 'zaak Rohn' intussen gezien als de
grootste zakelijke affaire die de Nieuw-Apostolische Kerk ooit
heeft gekend.
De enige reden zou zijn geweest dat een dergelijk bouwproject de
bestuursleden van de kleine Nederlandse kerk boven het hoofd zou
groeien. Hun onprofessionele houding zou ertoe hebben geleid dat
de kerk tweeënhalf jaar lang de offerinkomsten verspild heeft.
Daarvoor hebben ze nu een zondebok nodig.
Ook toont deze zaak aan dat alle controleorganen van de
Nederlandse kerk gefaald hebben. Het is de toenmalige Opziener
Hans Kamstra gelukt om bij deze zaak buiten schot te blijven en
het is het kerkbestuur gelukt om de vergadering van de
Nederlandse districtsbesturen (District-Voorgangers) lange tijd
voor de gek te houden over de ware omvang van deze zaak.
Bron:Glaubenskultur
|
|