[Bijgewerkt: 23.00 uur]
@all
Ook
Glaubenskultur-Magazine bracht inmiddels het nieuws over de rechtszitting, gisteren in Bochum. De titel "
Ohrfeige für die Kirchenklage - Bisher kein Urteil in der Auseinandersetzung NAK NRW vs. Weblog" van het daarover gepubliceerde Premium-Artikel spreekt al boekdelen. De rechtbank gaf te kennen niet goed te begrijpen waarom het kerkbestuur haar zonder noemenswaardige tekst en uitleg een dik pak papier in de maag splitste met de impliciete boodschap: rechtbank, zoek het maar uit. Hoewel het -naar ik begreep- nu een regiezitting betrof en er op de strijdende partijen een beroep werd gedaan om de zaak in der minne te schikken, zag de advocaat van de Nieuw-Apostolische Kerk -na ampel beraad met de door het kerkbestuur afgevaardigde "Pressesprecher" van de gebiedskerk in kwestie- daar geen licht in zodat er in dit conflict al meteen een vonnis wordt gewezen. Dit is vrijwel dezelfde gang van zaken als in de zomer van 2011 in Utrecht bij
het kort geding dat districtsapostel Brinkmann destijds al verloor. Ook toen schitterde het kerkbestuur wegens afwezigheid en besliste "een loopjongen" dat er werd afgezien van minnelijk overleg, waarna de op 's Heren wegen verdwaalde "Godsgezanten" bij vonnis de waarheid werd aangezegd. De offerontvangsten waren er vanzelf wel weer goed voor om met een gul gebaar het honorarium te bekostigen van het hier ingezette driemanschap aan advocaten! Op het forum van Bauke Moesker heb ik er uitgebreid verslag van gedaan.
Los van de bovenbeschreven gebeurtenissen valt er best nog wel wat te zeggen over wat er feitelijk speelt. Op de een of andere manier ontstaat er ergens ongenoegen, wat kritiek oplevert. Het kerkbestuur heeft daar geen oren naar. De kritiek verhardt zich en het wordt bij wijze van spreken een uitslaande brand. Nog steeds is er bij het kerkbestuur niemand die zich geroepen voelt om eerst eens op ooghoogte contact te zoeken. Integendeel, "afdalen" of "opstijgen" (!) is er tegenwoordig niet meer bij. Liever bindt men de strijd aan. Geld speelt voor de machtsfiguren die tot € 500.000 per casus vrij in de Kas kunnen grijpen immers geen enkele rol. Ooit hebben ze dat onderling zelf zo geregeld, en dat bevalt uitstekend. Doordat het nu opeens een kwestie wordt van Goliath tegen David, breiden de schermutselingen zich verder uit naar het publieke domein. Dat maakt de kerkvorsten inwendig nóg furieuzer dan men al was. Doldriest gaat men op ramkoers liggen. "Radiografisch" op afstand bestuurbare pionnen op hun schaakbord mogen het zaakje opknappen. De een tegen betaling, de ander wordt met een promotie in het vooruitzicht een worst voorgehouden en een derde krijgt een "hoger" ambt. En de "schaakgrootmeesters" trekken met zegenende gebaren langs veld en beemd. Doordat het hier niet bleef bij een enkel incident, zag ik in de handelwijze van de dolende "Godsgezanten" een patroon ontstaan. Ik sprak erover met een bestuurslid (!) en een voorganger, maar het scheelde ze niks.
Terwijl de aangesloten leden in alle toonaarden te verstaan wordt gegeven dat er op weg naar "het heerlijke einddoel" geen tijd te verliezen valt, snappen de goedgelovigen wel dat hun "zegenaars" wel wat beters te doen hebben dan zich te laten ophouden door criticasters of, zoals die in het Duits worden genoemd: Querdenker. Dat etiket word je stiekem opgeplakt als je op de kerkvloer niet "doet wat er gezegd wordt". De karavaan wil dóór, en jij, jij met je vermeende brandende vragen, smijt zand in de raderen. Wie in het "werk Gods" echter zo vrij is om van inzicht te verschillen met "de dienaren", is in hun beleving "rijk aan beter weten" en dat is "nach dem neuapostolischen Glaubensverständnis" faliekant verkeerd. Je gooit er je eigen glazen mee in, wat in de praktijk betekent dat je als "ongeleid projectiel" en als "aangeschoten wild" er niet meer komt met een "fijne aanbieding". Het kan een poosje duren, maar als je je niet "gewonnen" geeft, zal er vanachter de schermen tegen je worden samengespannen. Wil je nu in het "verlossingswerk" nog een taakje van enige betekenis krijgen, zul je moeten buigen. Diep door het stof moet je. Mocht je een "hoge vertegenwoordiger van het nieuw-apostolische hemelrijk" in de privésfeer of anderszins een goede dienst kunnen bewijzen, dan mag dat natuurlijk ook. Wie -om er maar weer helemaal bíj te horen- capituleert, verspeelt daarmee zijn of haar gevoel voor eigenwaarde want het is opgemerkt dat je knielde; dat je weer opkeek naar de "trone Gods".
Districtsvoorgangers die tezamen met hun "Gehilfinnen" door de districtsapostel worden uitgenodigd voor een geheel verzorgd weekendje in bijvoorbeeld een Hilton-hotel, zeggen daar natuurlijk niet "nee" op. Zo'n periodiek "voorproefje van de eeuwigheid" ligt eenvoudig besloten in het heilsplan van God. Als je je in "Zijn werk" zó inzet als jijzelf immers doet en die andere hoge(re) dienaren, begrijp je dat daar op zijn tijd ook wel eens iets tegenover mag staan. Dan doe je daarna ook maar niet moeilijk over een paar lastige knopen die moeten worden doorgehakt in de bestuursvergaderingen. Waarom zou je "de apostel" niet het voordeel van de twijfel gunnen? Je weet welke offers ook hij brengt! Veel van huis, in het buitenland; altijd onderweg. En daarbij al het gezeur soms en de pretenties van verongelijkte laagvliegers. Ga er maar aan staan. Consumentisme. Terecht citeerde de districtsapostel een staatsman van formaat die zijn "fellow Americans" ertoe aanzette:
"Ask not what your country can do for you — ask what you can do for your country!" Dat is precies wat ons in het "verlossingswerk" voor ogen moet staan, vond hij. Dus: "Nothing can stop us!" Wij moeten over de dingen heen kunnen stappen. Dan moet je je mens-zijn overwinnen. Dan is niet speciaal het vele goed, maar het goede is veel. Maar willen wij dat zien? Dat is de vraag! Ieder zou zó bij zichzelf te rade moeten gaan. De redenen die wij hebben tot dankbaarheid; die ontdek je dan weer. Zo vergeet je vanzelf wat er te mekkeren valt.
Het bovenstaande schetst in grote lijnen de ambiance die "nieuw-apostolische kinderen van God" te eerbiedigen hebben. Terug nu naar het slagveld. Een fundamenteel probleem is dus, dat alle problemen "dienen te verdwijnen waar de kopstukken verschijnen". Als dezen namelijk hun opwachting maken, is het feest! Dresscode: feestkleding (zwart-wit). Wat hoogwaardigheidsbekleders misschien "in de voorbereiding" nog hebben uitgespookt in de marge - daar zal niemand ze naar vragen. Na de dienst klampt "iedereen" ze aan, ook "zielen die het moeilijk hebben"; tijd voor een oprechte vraag en een eerlijk antwoord is er bij zo'n bijzonder evenement dus niet. Wanneer het protocol is afgewerkt, zijn weer alle kansen verkeken. Schrijf je een brief, dan krijg je een vlugschrift retour. En de kern van de zaak - daar gaan ze niet op in. Alle andere "dienaren" die "in stille trouw" en in liefde met hun "zegenaars" verbonden zijn, doen er verder het zwijgen toe. Exact: die doen wat ze gezegd wordt. Als "de zwijgzaamheid" moet worden betracht, wórdt "de zwijgzaamheid" betracht. Vrijwel niemand zal zich realiseren dat er ondertussen op een kerkelijk bureau wel eens medewerkers kunnen zijn, voor wie het níet alle dagen feest is, al was het maar om de simpele reden dat met het verstand op nul er geen droog brood te verdienen valt. Die maken de kopstukken dus ook wel eens mee zonder dat dezulken in de feeststemming zijn. Komen ze daarna weer in de kerk, dan moeten ze doen alsof er niks gebeurd is.
Wie in de Nieuw-Apostolische Kerk een "ambtsopdracht" aanneemt, wordt geacht grotendeels al te beseffen wat een kerkelijke ambtsdrager te doen staat. In de eerste plaats dien je te begrijpen dat "de gemeenschap" jou -en "de goddelijke ponden" die jou door het ambt zijn toevertrouwd- gekregen heeft om een hogere "dienaar", jouw "directe zegenaar", te ondersteunen. Anders kan God jou als dienaar niet "ten volle" zegenen. O nee? Nee. Nee?! Nee, en nóg eens néé. "Nach dem neuapostolischen Glaubensverständnis" is God een God van orde en regel. Hij zegent langs "de geordende weg". Wees dus maar niet weerbarstig. Wees juist dankbaar en blij dat God jou als "zegenvat" kan gebruiken. Een fijne aanbieding naar de dienaren toe die jou voorgaan, zal in de gemeenschap zijn vruchten afwerpen. Tracht de aan jouw liefdevolle zorgen toevertrouwde zielen als wegbereider naar het hemelse vaderland tot een voorbeeld te zijn. Sta ze "in de navolging" niet in de weg. Wees een ijveraar voor het "werk Gods". Door te doen wat onze hand in de gemeenschap zal vinden om te doen, worden wij toegerust om het gaan en staan op de weg des levens te behouden. Laten wij de getuigen zijn waar het mensdom hunkerend naar uitkijkt. (...) Op deze manier is er, vanaf de kerkvloer gezien, tussen hemel en aarde doch binnen de muren van deze kerk -in de organisatie- dus zó ongelofelijk veel gaande, dat, als je dat als gewone broeder-of- zuster-in-de-bank gedurig meemaakt, je je wel eens afvraagt: en ik?
Om het "eigen ik" kan het niet gaan, in het "verlossingswerk": "de nieuwe mens" in ons - die moet ons voor ogen staan. Pas als wij nú alvast willen zijn die wij aanstonds moeten worden, gaat het de goede kant op want onze God wil dat wij veranderen. Door Zijn dienaren, wijst Hij ons de weg. Wie in de kerk oppositie voert, is bij Hem aan het verkeerde adres. Daarom kan onze stamapostel in zijn "arbeid" niet stilstaan bij futiliteiten of andere kleinmenselijke zaken. Onze "genaderijke uitverkiezing" staat immers op het spel. Er wordt natuurlijk wel gebeden voor werk en voor wat wij verder nodig hebben om overal onze plaats in te nemen, en voor de zieken, maar wijzelf hebben maar één zorg en die is, dat wij bij het komen van de Heer "waardig" zullen zijn. (...) Wie het voorgaande op zich laat inwerken, voelt wel aan dat als dit jarenlang in de periferie van de organisatie iemands werkelijkheid is, er maar bij heel weinig gelovigen een haar op het hoofd zal zijn die er geregeld aan denkt dat wel degelijk ook nog een hoop andere zaken de aandacht verdienen, doch niet alleen van de stamapostel en diens vertrouwelingen in de zogeheten Koordinationsgruppe. Hier komen de districtsvoorgangers in beeld want volgens de statuten vormen zij de "Landelijke vergadering", welk bestuursorgaan te vergelijken is met een Raad van Toezicht. Nu echter nóg een fundamenteel probleem: problemen die zij zich moeten aantrekken verdwijnen als sneeuw voor de zon zodra hun districtsapostel een wenkbrauw fronst.
Groet,
TjerkB