Als het stortregent, zegt men wel eens: het is of de hemelsluizen openstaan. Maar wat óók nog kan gebeuren, is, als de hemel zich als het ware opent doordat het wonderlijke besef ons vervult dat er ineens verfrissend ruim baan werd gemaakt voor de werkzaamheid van de Heilige Geest!
Verkwikkend levenswater stroomt door de hof met macht! Dit is wat mij gisteren zomaar overkwam met dankbaar gedeelde bezielde gedachten over de moeder van Jezus, Maria:
(...)
- Als beeld van de kerk heeft Maria ook iets te zeggen over de houding en de opdracht van de kerk. Een kerk moet eigenlijk geen instituut willen zijn, geen machtsorgaan. Zij is de eenvoudige dienstmaagd. Maagdelijk in die zin dat zij zich vrij houdt van de lust om te regeren en te bedisselen, van de manosphere zeg maar.
Dienstbaar in de zin dat zij zich vrij houdt voor het Woord van God dat in Christus klinkt. Haar gestalte (haar “lichaam”) is de vrije ruimte waarin dat Woord wordt ontvangen en kan groeien en tot leven komen. Dat is haar enige functie: Gods wil laten geschieden. Levende tempel van Gods levend Woord zijn. Teken van hoop en perspectief voor een dwalende wereld. Zij moet geen onderdeel van de oude wereld, het bestaande machtssysteem, zijn, maar voorloper van de nieuwe wereldorde. In alles dient zij te verwijzen naar het rijk der hemelen, opdat onze menselijke werkelijkheid wordt en blijft opgenomen in de beweging van het Rijk Gods.
Wij hebben immers niet alleen een hemelse toekomst te verwachten, maar ook een aardse. Gods wil geschiedt op aarde binnen het menselijk domein. Daarover spreekt Maria. Over een God die grote dingen doet aan de kleine en onmachtige mensen die wij zijn. Die zijn barmhartigheid laat zien aan allen die zich aan Hem toevertrouwen. In haar profetische woorden stelt zij present wat door Christus waarheid wordt. Een werkelijkheid waarin het schrijnende en onrechtvaardige verschil tussen machtigen en weerlozen, tussen rijken en kanslozen wordt geslecht. Een wereld waarin niemand honger hoeft te lijden en waarin onaanzienlijken het respect ontvangen dat zij verdienen.
Juist als die mens heeft de figuur van Maria ons iets te zeggen. Als mens is zij de openheid naar Gods wil. Een wil die onze wil niet willoos maakt, maar onze instemming mobiliseert met datgene wat wij zelf ten diepste verlangen. Maria laat zien dat ja zeggen tegen God begenadigd wordt. Dit “ja” staat gericht op de hemel, op het nieuwe dat God in ons wil beginnen en voltooien. Die beschikbaarheid wordt door God gezegend en bevestigd. Daardoor geschiedt zijn wil op aarde zoals in de hemel en komt zijn Rijk onder ons aanwezig, waardoor wij nu al deel uitmaken van zijn toekomst. In de Naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest.
Bron: Overweging 16 augustus 2026 | Het overlijden van Maria (patrones van kerk Dordrecht)
Ward Cortvriendt, priester van het aartsbisdom Utrecht en rector van de oud-katholieke statie te Hengelo - voormalig abt van de Norbertijnen
Zijn dat geen troostrijke woorden?
Groet,
TjerkB
